Uitvraag doorontwikkeling governance Jeugdregio Zuid

Gemeente Maastricht

Gemeente Maastricht
In overleg
8 maanden
Nog 20 dagen

Dit ga je doen

Aanleiding
De jeugdregio Zuid-Limburg bestaat uit 16 gemeenten die sinds 2015 samenwerken bij de inkoop van de
jeugdzorg en de vorming van beleid. Afgelopen jaren is gebleken dat de structuur waarin die samenwerking
was vormgegeven (sinds 2015) te weinig basis gaf voor de aansturing die nodig is. Mandaten om beslissingen te
nemen waren versnipperd en daardoor was de samenwerking weinig slagvaardig.

De inrichting van het huidige regioteam vindt zijn oorsprong in de aanbevelingen uit het F-Fort-rapport naar de
regionale samenwerking in Zuid-Limburg. Sindsdien zijn belangrijke stappen gezet, waaronder de inrichting van
het regioteam en een sterkere focus op regionale afstemming en integraliteit. Tegelijkertijd laat de praktijk zien
dat een aantal vraagstukken die destijds zijn gesignaleerd nog altijd actueel zijn. Het gaat daarbij onder meer
om de regionale slagkracht, de verhouding tussen lokale autonomie en regionale samenwerking, rollen en
verantwoordelijkheden binnen de samenwerking en de wijze waarop besluitvorming wordt georganiseerd.

Daarnaast treedt de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg (Wvbj) treedt gefaseerd in werking en
verplicht gemeenten uiterlijk per 1 januari 2027 om onderdelen van de specialistische jeugdzorg regionaal te
organiseren. Zuid-Limburg werkt momenteel samen op het juiste schaalniveau conform deze wet, via een
centrumregeling. De vraag is of de huidige centrumregeling, eventueel aangevuld of aangepast, voldoende
aansluit bij de toekomstige opgaven van de jeugdregio en de eisen die voortvloeien uit de Wvbj. De wet laat
verschillende governancevarianten toe. Het Rijk spreekt in de toelichting een voorkeur uit voor bepaalde
varianten, maar de regio maakt hierin een eigen afweging.

Daarnaast is nu alleen de inkoop onderdeel van de huidige centrumregeling wat maakt dat andere besluiten
(bijv. beleidsmatig, omtrent continuïteit van zorg of andere zaken die financiële gevolgen hebben) steeds via de
16 gemeenten besloten moeten worden. Wat vertragend werkt en de slagkracht van de regionale
samenwerking beperkt. Ook is het expertteam nog niet verankerd in onze onderliggende centrumregeling.

Dit vraagt om een herijking en doorontwikkeling van de governance, zodat taken, bevoegdheden, financiële
verantwoordelijkheid en bestuurlijke aansturing duurzaam en juridisch robuust worden ingericht. Voor deze
opgave wil de regio gebruikmaken van externe expertise en procesbegeleiding om een onafhankelijk proces te
borgen.

Doel van de opdracht
Het doel van deze opdracht is het verkrijgen van een onafhankelijk en praktisch toepasbaar advies over de
gewenste doorontwikkeling van de governance van de Jeugdregio Zuid-Limburg, passend bij:
• de eisen van de Wvbj en Wgr;
• de wensen en behoeften van de 16 gemeenten in Zuid-Limburg;
• een effectieve, transparante en bestuurbare regionale samenwerking;
• een solide inrichting van bevoegdheden, sturing en verantwoording.

Het advies moet bestuurlijk bruikbaar zijn voor besluitvorming door colleges en gemeenteraden.

Context en inhoudelijke opgave
Op dit moment werken we samen op basis van de lichtste variant uit de WGR: de centrumregeling. In deze
centrumregeling is de inkoop van jeugdhulp gemandateerd aan de centrumgemeente Maastricht, met een
adviesorgaan (stuurgroep Jeugd), bestaande uit een afvaardiging van 6 gemeenten. Omdat er geen
budgetrechten zijn overgeheveld en ook niet jaarlijks een begroting wordt opgesteld voor de zorgkosten,
moeten vrijwel alle besluiten voorgelegd worden aan de 16 gemeenten (wethouders, colleges en soms raden).
Omdat in dit proces het draagvlak vanuit 16 gemeenten (zowel beleid, toegangen als bedrijfsvoering)
noodzakelijk is, is besluitvorming complex en duurt vaak meerdere maanden. Het regioteam zal dit voor 2026
inzichtelijk maken. Daarnaast heeft de huidige centrumregeling een aantal nadelen in de uitvoering van werkzaamheden, afsluiten
van contracten en positionering van personeel.

Sinds 1 januari 2026 werkt het regioteam vanuit een regionale en overstijgende rol aan samenhang tussen
beleid, inkoop, uitvoering en bestuurlijke besluitvorming. Vanuit die positie ziet het regioteam patronen,
dilemma’s en kansen die relevant zijn voor de verdere ontwikkeling van de jeugdregio. Het ligt daarom voor de
hand dat het regioteam bij het onderzoek naar de doorontwikkeling van de governance een inhoudelijke
bijdrage levert aan het gesprek over de toekomstige samenwerking binnen de jeugdregio. Daarbij gaat o.a.
over de uitgangspunten die richting geven aan de regionale samenwerking, de verhouding tussen lokale en
regionale verantwoordelijkheid, de rol van de verschillende gremia en de randvoorwaarden voor effectieve
regionale sturing en besluitvorming. Het regioteam zal deze input aanleveren bij het onderzoeksbureau/de
externe procesbegeleider.

Ontwikkelingen met impact op de governance
Op dit moment wordt een nieuwe aanbesteding voorbereid voor alle verblijfszorg, de segmentoverstijgende
aanbesteding. Hierbij is de doelstelling om te gaan werken met vaste budgetten (Lumpsum), die in een
bepaalde bandbreedte kunnen variëren over de jaren. Onze governance moet dit proces en deze afspraken
kunnen ondersteunen.

Vanuit het Taskforce rapport is er een samenwerking ontstaan in Limburg onder de titel ‘robuust
zorglandschap’. Vanuit de doelstellingen van de Taskforce wordt er gewerkt aan de samenwerking op het
gebied van verblijfszorg op provinciaal niveau. Dit vraagt op termijn om een nieuwe governance op schaal van
Limburg voor deze samenwerking. De governance van Zuid-Limburg moet flexibel en slagvaardig genoeg zijn
om dit te kunnen faciliteren.

Nieuwe wettelijke eisen
De nieuwe Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg stelt eisen aan de inrichting van de governance, het
type zorg dat gezamenlijk wordt ingekocht, de positionering van het regionale expertteam en de instelling van
een regionale entiteit genaamd ‘jeugdregio’.

Vanuit de Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg moeten binnen de GR minimaal de volgende taken
regionaal worden belegd per 2027:
➢ regionale inkoop en subsidiering van aangewezen specialistische jeugdhulp;
➢ contracteren en subsidiëren van gecertificeerde instellingen (jeugdbescherming en
jeugdreclassering);
➢ uitvoering van regionale administratieve processen (monitoring, gegevensuitwisseling)
➢ Relatiemanagement;
➢ organisatie van regionale expertteams;
➢ bovenregionale afstemming over schaarse zorg;
➢ proces en totstandkoming van een regiovisie.

In de basis voldoen we momenteel aan de minimale eisen uit de wet. We hebben een centrumregeling en
kopen de juiste vormen van jeugdhulp gezamenlijk in. In 2026 zal de regiovisie opgesteld worden conform de
eisen die gesteld worden daaraan en zal ook het expertteam worden doorontwikkeld en structureel worden
geborgd in onze jeugdregio.

In de memorie van Toelichting van de WvbJ staat dat de regio de keuze heeft uit de drie varianten die de WGR
kent (openbaar lichaam, bedrijfsvoeringsorganisatie en centrumregeling). Het Rijk geeft daarin aan dat de
keuze voor een openbaar lichaam of een bedrijfsvoeringsorganisatie de voorkeur verdient, om te kunnen
voldoen aan de doelen die de wet stelt. Maar de regio dient hierin een eigen afweging te maken.
De WvbJ sluit daarmee andere vormen van samenwerkingsverbanden, zoals een stichting, uit.

Deze wet wordt over twee jaar geëvalueerd en waar nodig bijgesteld wat de regering de mogelijkheid geeft
om, bij onvoldoende vorderingen in de 42 regio’s, de eisen aan de samenwerking verder aan te scherpen. Centrale vraag van de opdracht
Wat is, gegeven de wettelijke kaders en de regionale wensen en behoeften van de 16 gemeenten in Zuid-
Limburg, de meest effectieve en toekomstbestendige inrichting van governance voor de Jeugdregio Zuid-
Limburg, en hoe kan de regio daar gefaseerd naartoe groeien?

Gewenste aanpak
Om te komen tot een antwoord op bovenstaande centrale vraag zien wij een aanpak in 3 fases:
Fase 1: Verkenning behoeften en noodzaak tot regionale samenwerking
➢ Wat willen de 16 gemeenten gezamenlijk organiseren? De inhoud van de huidige centrumregeling
sluit niet meer aan bij wat er in de praktijk gezamenlijk wordt opgepakt aan beleid en inkoop en
samenwerkingsvormen zoals een expertiseteam, clientparticipatie of de centrale toegang verblijf.
➢ De integrale Regiovisie vormt een belangrijke inhoudelijke bouwsteen voor deze verkenning. De
regionale opgaven, strategische actielijnen en de visie op regionale samenwerking bieden richting
aan het gesprek over de toekomstige governance. Daarnaast worden ontwikkelingen zoals het
robuuste zorglandschap en de segmentoverstijgende aanbesteding betrokken. Van daaruit kan de
collectieve opgave van de jeugdregio verder worden geconcretiseerd en kunnen dilemma’s en
knelpunten in de huidige governance inzichtelijk worden gemaakt
➢ In deze verkenning dient meegenomen te worden welke knelpunten vanuit het Ffort rapport
inmiddels opgelost zijn door de komst van het regioteam en welke nog resteren.
➢ Het regioteam zal vanuit zijn regionale en overstijgende rol, de uitgangspunten uitwerken die
vanuit de visie van het regioteam richting moeten geven aan de toekomstige samenwerking
binnen de jeugdregio Zuid-Limburg. Daarbij gaat het onder meer om een eerste uitwerking van de
leidende principes, de verdeling van verantwoordelijkheden, de vormgeving van de regionale
samenwerking en de randvoorwaarden voor effectieve sturing en besluitvorming. Deze uitwerking
dient als input voor het onderzoeksbureau en wordt tevens benut als bouwsteen voor de verdere
uitwerking van de Regiovisie.
➢ Er dient een inhoudelijk gesprek gevoerd te worden waarbij mensen uit de regio worden
uitgenodigd vanuit verschillende gezichtspunten. Waarbij in elk geval de mensen betrokken
worden die zicht hebben/ervaring hebben met de huidige knelpunten en ontwikkelingen in de
regionale samenwerking. Het gaat dan primair over medewerkers en bestuurders van de 16
gemeenten maar ook onze partners zoals zorgaanbieders en onderwijspartners. Daarnaast ook
om de mensen die binnen centrumgemeente Maastricht werkzaam zijn voor de regio.
➢ Uitkomst moet zijn een startpunt voor de verkenning op de doorontwikkeling van de governance.
Waarbij inzichtelijk is gemaakt welke knelpunten vragen om een juridische oplossing in de
governance.
Fase 2: Verkenning opties qua governance om de uitkomst uit fase 1 te faciliteren.
➢ Objectieve analyse van voor- en nadelen van verschillende governancemodellen.
➢ Het onderzoek dient expliciet inzicht te geven in de mogelijkheden, voor- en nadelen van het
voortzetten van de huidige centrumregeling, inclusief eventuele optimalisaties daarvan, naast de
alternatieven van een bedrijfsvoeringsorganisatie of openbaar lichaam.
➢ Het onderzoek dient expliciet inzicht te geven in de impact van de verschillende modellen voor de
centrumgemeente Maastricht.
➢ Concrete aanbevelingen voor doorontwikkeling van de governance in Zuid-Limburg
➢ Concreet advies over hoe dit geïmplementeerd kan worden en wat daarvoor nodig is.
Fase 3: Implementatie van het advies
➢ Gezamenlijke duiding van wat de regio zelf kan oppakken/inrichten en waar extern advies voor
nodig is.
➢ Onafhankelijke procesbegeleiding in deze fase tot realisatie

Na de uitwerking van fase 1 vindt er een bestuurlijke vaststelling plaats van deze uitkomsten door de
stuurgroep. Op basis daarvan kan gestart worden met fase 2. Na fase 2 vindt er een go/no-go moment plaats
waarbij de uitkomsten bestuurlijk worden voorgelegd ter besluitvorming aan de 16 wethouders. Het bureau
wordt gevraagd om voor alle 3 de fases een aanpak uit te werken waarbij de 3e fase een optionele
opdrachtverlenging is voor het bureau.

Deelvragen fase 2 Het bureau wordt gevraagd om bij de objectieve verkenning van de verschillende governance opties in elk
geval in te gaan op:

• Doeltreffendheid – draagt de variant bij aan betere maatschappelijke resultaten?
• Doelmatigheid – is de organisatie uitvoerbaar en efficiënt, zonder onnodige overhead?
• Financiële robuustheid – hoe zijn budgetrecht, risico’s en eventueel weerstandsvermogen geregeld?
• Risicobeheersing – hoe zijn control, monitoring, escalatie en rechtmatigheid geborgd?
• Heldere rolverdeling – bestuurlijk en ambtelijk.
• Democratische legitimatie – zijn raad en college goed gepositioneerd?
• Informatievoorziening en transparantie – Hoe worden de verschillende colleges en raden tijdig en
eenduidig geïnformeerd over resultaten, risico’s en financiën

Daarnaast wordt het bureau gevraagd aandacht te besteden aan onderstaande concrete vragen:
o Hoe kan regionale besluitvorming over o.a. inkoop en financiën worden versneld, zonder dat de
positie en invloed van gemeenteraden onder druk komt te staan?
o De governancevarianten dienen inzicht te geven in de mate waarin zij functioneren bij behoud van
lokale toegangen, en welke aanvullende afspraken of uniformering daarbij noodzakelijk zijn.
o De governance modellen dienen inzicht te geven in de mate waarin ze de werkwijze na uitvoering van
de segmentoverstijgende aanbesteding ondersteunen. Het gaat dan vooral om het ondersteunen van
de wijze van bekostiging.
o Wat is de positie van de centrumgemeente binnen de regionale samenwerking? Daarbij wordt
verzocht te onderzoeken hoe rollen, verantwoordelijkheden, mandaten en belangenafwegingen
zodanig kunnen worden ingericht dat voor alle deelnemende gemeenten helder is vanuit welke rol
bestuurders optreden en hoe regionale belangen zich verhouden tot lokale belangen.
o Het governance model dient inzicht te geven in hoe de sturing op de naleving van de afspraken in de
praktijk uitgevoerd kan worden.
o Het Governance model in relatie tot GI’s, aanbieders en bovenregionale samenwerking (Robuust
Jeugdzorglandschap).
o Positionering en personele gevolgen voor hetregionale expertteam, uitvoerende medewerkers binnen
gemeente Maastricht en regioteam jeugdhulp Zuid-Limburg.
De uitkomsten van fase 1 zullen leiden tot een verdere aanvulling van deze vragen.

Gewenste resultaten
Het bureau levert:
• Een helder en onderbouwd adviesrapport op na fase 1 en fase 2, over de meest passende governance.
• Een vergelijking van mogelijke governance-varianten (met voor- en nadelen).
• Een voorkeursmodel met concrete inrichtingselementen.
• Een praktisch implementatie- en groeipad.
• Inzicht in risico’s en beheersmaatregelen.
• Bestuurlijke samenvatting geschikt voor besluitvorming.

Afbakening
De opdracht richt zich op governance, sturing en bestuurlijke inrichting van de Jeugdregio. Het betreft geen
inhoudelijke herijking van jeugdhulpbeleid of inkoopstrategie, behalve waar dit direct raakt aan governance.

Betrokken partijen
De opdracht vindt plaats in nauwe afstemming met:
• De 16 gemeenten (bestuurlijk en ambtelijk) in de Jeugdregio Zuid-Limburg;
• De samenwerkingsverbanden in Noord en Midden-Limburg (Robuust zorglandschap)
• bestuurlijke vertegenwoordiging vanuit de stuurgroep jeugd;
• ambtelijke begeleidingsgroep;
• relevante ketenpartners (waar nodig).

Schijnzelfstandigheid (Wet DBA) Voor de uitvoering van deze opdracht geldt dat sprake is van een duidelijke resultaatverplichting. De opdracht is
gericht op het realiseren van een concreet eindproduct.

De opdrachtnemer dient de werkzaamheden zelfstandig en naar eigen inzicht uit te voeren. De opdrachtnemer
bepaalt zelfstandig op welke wijze de werkzaamheden worden uitgevoerd, hoe de werkzaamheden worden
ingericht en op welke wijze het overeengekomen resultaat wordt bereikt. De gemeente Maastricht geeft in dat
kader geen inhoudelijke aanwijzingen over de wijze van uitvoering van de werkzaamheden en oefent geen leiding
of toezicht uit op de dagelijkse uitvoering van de opdracht. De gemeente Maastricht als opdrachtgever kan wel
aanwijzingen geven omtrent het resultaat van de opdracht.

Daarnaast dient de opdrachtnemer gebruik te maken van eigen faciliteiten, hulpmiddelen en bedrijfsmiddelen.
Dit betekent dat de opdrachtnemer geen gebruik maakt van faciliteiten van de gemeente Maastricht, zoals een
laptop, mobiele telefoon, werkplek of andere bedrijfsmiddelen. De opdrachtnemer is tevens zelf
verantwoordelijk voor het organiseren van de bedrijfsvoering die noodzakelijk is voor de uitvoering van de
opdracht en draagt zelf zorg voor passende verzekeringen, waaronder in ieder geval een verzekering voor ziekte
en arbeidsongeschiktheid en, voor zover relevant, een beroeps- of bedrijfsaansprakelijkheidsverzekering.

Indien de opdracht wordt uitgevoerd door een zzp’er kan de opdrachtgever, indien daartoe aanleiding bestaat,
verzoeken om aanvullende informatie of bewijsstukken waaruit blijkt dat daadwerkelijk sprake is van zelfstandig
ondernemerschap. Daarbij kan onder meer worden gekeken naar de mate waarin de opdrachtnemer zich in het
economisch verkeer als ondernemer manifesteert, bijvoorbeeld door het verwerven van opdrachten bij
meerdere opdrachtgevers, het actief verrichten van acquisitie, het opbouwen van een eigen reputatie of
positionering in de markt, en het zelfstandig dragen van ondernemersrisico. Tevens kan inzicht worden gevraagd
in eerdere opdrachten, de duur van opdrachten en de wijze waarop de opdrachtnemer zich structureel als
ondernemer in het werkveld profileert.

De gemeente Maastricht behoudt zich evenwel het recht voor om, indien sprake is van omstandigheden die
kunnen leiden tot een verhoogd risico op schijnzelfstandigheid, aanvullende voorwaarden te stellen of nadere
informatie op te vragen. Conform de toelatingsregeling van het Dynamisch Aankoopsysteem d.d. 13 oktober
2025 behoudt de opdrachtgever zich in dat kader uitdrukkelijk het recht voor om, indien het risico op
schijnzelfstandigheid onvoldoende kan worden weggenomen, de overeenkomst niet aan te gaan dan wel
tussentijds op te zeggen.

3. Functieprofiel kandidaat/ bureau
De inschrijver kan één kandidaat aanbieden of een team van meerdere personen samenstellen voor de uitvoering
van de opdracht. Indien meerdere personen worden ingezet, wordt de opdracht als één geheel uitgevoerd onder
verantwoordelijkheid van de inschrijver. De inschrijver maakt in de inschrijving inzichtelijk welke personen
worden ingezet, wat hun rol binnen de opdracht is en welke kennis en ervaring zij inbrengen.
De opdracht wordt aan één inschrijver gegund. Het is niet mogelijk om de opdracht door meerdere inschrijvers
gezamenlijk te laten uitvoeren.
Gevraagde expertise
De inschrijver beschikt aantoonbaar over de volgende kennis en ervaring:
• expertise op het gebied van governance van regionale en/of intergemeentelijke
samenwerkingsverbanden;
• kennis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) en bij voorkeur van de Wet verbetering
beschikbaarheid jeugdzorg (Wvbj) en het jeugdzorgdomein; • aantoonbare ervaring met bestuurlijke advisering binnen complexe intergemeentelijke
samenwerkingsverbanden;
• aantoonbare ervaring met het analyseren, ontwerpen en/of doorontwikkelen van governance- en
samenwerkingsmodellen;
• het vermogen om juridische, bestuurlijke, financiële en organisatorische vraagstukken in samenhang te
beoordelen en te vertalen naar concrete en uitvoerbare adviezen;
• aantoonbare ervaring met het begeleiden van complexe verander- en implementatieprocessen binnen
een bestuurlijke context.

Competenties
De voor de opdracht ingezette kandidaat/kandidaten beschikken gezamenlijk over de volgende competenties:
• analytisch en strategisch vermogen;
• politiek-bestuurlijke sensitiviteit;
• sterke communicatieve en verbindende vaardigheden;
• het vermogen om verschillende belangen en perspectieven bij elkaar te brengen;
• onafhankelijkheid en objectiviteit;
• resultaatgerichtheid en een praktische instelling;
• het vermogen om bestuurders, ambtenaren en andere betrokken partijen te betrekken en draagvlak te
creëren;
• het vermogen om complexe vraagstukken te vertalen naar heldere keuzes, concrete adviezen en een
uitvoerbaar implementatiepad.

De inschrijver beschrijft in de inschrijving hoe de benodigde expertise binnen het voorgestelde team is geborgd
en welke persoon/personen welke rol binnen de opdracht vervullen.
De specifieke ervaring en deskundigheid waar de opdrachtgever naar op zoek is, zijn nader uitgewerkt in
hoofdstuk 5 in de knock-out- en gunningscriteria.
De gemeente is van mening dat de gestelde eisen zowel naar aard als naar omvang van de opdracht
proportioneel zijn, overeenkomstig de Gids Proportionaliteit.
Bovenstaande wordt nader uitgewerkt in hoofdstuk 5 in knock-out criteria en gunningcriteria
De gemeente is van mening dat de gestelde eisen zowel proportioneel zijn naar aard als naar omvang van de
opdracht, dit overeenkomstig de Gids Proportionaliteit.

Het proces

Dit verhaal gaat over jou

01

De zoektocht – waar begin je?

Elke maand ontvangen we honderden vacatures. Die publiceren we op onze website, maar we blijven niet achteroverleunen. Ons team gaat actief op zoek naar de juiste match. Misschien vind jij ons, of wij jou – hoe dan ook: we maken snel contact.

02

De kennismaking – een goed gesprek, geen kruisverhoor

Jij ziet een interessante opdracht of wij denken dat er een goed bij je past. We bellen om je beter te leren kennen en de opdracht door te nemen. Wat vind jij belangrijk? Wat zijn je ambities? We houden het persoonlijk én to the point. Zo verkennen we samen wat de juiste match voor je is en wat daarmee ook het beste voor de klant is.

03

Afspraken maken – helder en zonder kleine lettertjes

Past de opdracht bij jouw expertise? Top. We bespreken de voorwaarden, je gewenste salaris en hoe de opdracht eruitziet. Omdat het om overheidsvacatures gaat, kunnen de eisen complex zijn en het proces tijdrovend – maar daar helpen wij je soepel doorheen.

04

Introductie – wij regelen de papierwinkel

Je levert een bijgewerkt cv, motivatie en eventuele referenties aan. Wij stellen de introductie samen, volledig afgestemd op de wensen van de opdrachtgever. Alles wat we bespreken komt daarin terug – eerlijk, transparant en geen verrassingen.

05

Even geduld – maar we houden je op de hoogte

Overheidsprocessen kunnen soms traag zijn. Wij geven je vooraf een realistische tijdlijn en houden je tussendoor op de hoogte. Geen radiostilte, maar duidelijke updates.

06

Op gesprek – goed voorbereid op pad

Word je uitgenodigd? Mooi! We plannen samen het gesprek en bereiden het grondig voor. We geven je tips & tricks en duiken in de inhoud van de opdracht. Het doel: jouw kansen maximaliseren.

07

Go of No-Go – samen evalueren

Na het gesprek evalueren we hoe het ging. Wil jij door en ziet de opdrachtgever het ook zitten? Dan koppelen we je aan één van onze uitzendpartners. Zij regelen het uitzendcontract. Is het toch geen match? Dan halen we feedback op en zoeken we verder.

08

Aan de slag – alles geregeld, jij kunt starten

Bij een succesvolle bemiddeling leggen we alle afspraken vast in een overeenkomst. Je uitzendpartner regelt het contract, de administratie en zorgt ervoor dat je netjes en op tijd betaald wordt. Jij hoeft alleen maar te focussen op je werk (en een taart sturen mag altijd 😉).

09

Service – ook ná de start zijn we er voor je

Zolang je aan de opdracht werkt, blijven wij je aanspreekpunt. Ook kan je regelmatig uitnodigingen van ons verwachten voor kleine events en borrels bij ons op kantoor. Heb je vragen over je opdracht, verlenging of indexaties? Eén belletje en we helpen je verder. Is de opdracht afgerond? Dan zoeken we met plezier naar een volgende uitdaging voor je.

Iets voor jou?

Laat het ons weten!

Reageer op deze vacature via TenMonks en ons recruitment team neemt contact met je op om de match te verkennen.

Iets voor jou?

Reageer dan vandaag nog!

Feedback